Historie van Albert Schweitzer

Naamgeving van de school
Albert Schweitzer (Kaysersberg, 14 januari 1875- Lambaréné (Gabon), 4 september 1965) was een Duitse arts, lutherse theoloog, filosoof, musicus en medisch zendeling.
Albert Schweitzer werd in 1875 geboren in Kaysersberg, in de noordelijke , toen Duitse Elzas, het tegenwoordige Franse Haut-Rhin-departement. In 1953 ontving hij de Nobelprijs voor de Vrede. Hij is behalve door zijn medisch werk in Afrika, vooral bekend geworden door zijn filosofie over cultuur en ethiek, en als musicus door zijn studies en interpretatie op orgel en piano van de muziek van Johann Sebastian Bach.
Biografie
Albert Schweitzer was als kind  vaak ziek, wat men aan de sterke gezonde man van later niet zou afzien. Hij was ook, en dat is nog vreemder, laat met lezen en schrijven, en hij leerde slecht. Daarom dwong hij zichzelf, toen hij opgroeide, om juist die onderwerpen te leren beheersen, die moeilijk voor hem waren, zoals Hebreeuws. Op muzikaal vlak was hij wel zeer begaafd. Toen hij 7 was, had hij reeds een psalm gecomponeerd. Een groot deel van zijn leven heeft Albert Schweitzer doorgebracht in Afrika. Na voltooiing van zijn medische studie in 1913, vertrok hij met zijn echtgenote naar Lambaréné in Gabon om daar een ziekenhuis te bouwen, in de buurt van een sinds 1872 bestaande zendingspost van het Amerikaanse Presbyteriaanse Zendingsgenootschap. Daar heeft hij duizenden mensen behandeld en geopereerd. Er was voorheen in die regio geen arts en jarenlang was Schweitzer de enige medicus in het hele ziekenhuis.
Eerste wereldoorlog
In 1914 brak de Eerste Wereldoorlog uit en omdat hij Duitser was op Frans territorium werd hij officieel krijgsgevangen verklaard. Na een aantal maanden huisarrest, mocht hij omdat de mensen nu van medische zorg verstoken waren, zijn werk in het ziekenhuis hervatten. In 1917 werden hij en zijn vrouw alsnog als krijgsgevangen geïnterneerd in Frankrijk, aanvankelijk in een klooster in Garaison en later in 1918, in St. Remy de Provence, eveneens in een oud klooster met een ziekenhuis, waar destijds Vincent van Gogh een tijdlang is opgenomen geweest. Schweitzer nam al zijn gedwongen rustperioden te baat om verder te werken aan onder andere zijn boek “Cultuur en Ethiek”. Hij zag deze wereldoorlog als een teken van verval van de toenmalige beschaving, als een bewijs van zijn overtuiging dat een onverschillige, onnadenkende mensheid geregeerd wordt door de strijd om kennis en macht ten koste van anderen, en daarmee steeds meer schuld op zich laadt. Hij trachtte begrippen als ‘liefde’, ‘toewijding’, ‘medelijden’, ‘deelgenootschap’, en ‘solidariteit’ weer op de agenda te krijgen, om de mensheid te stimuleren tot leven op een hoger plan.
Na de oorlog.
Na het einde van de oorlog, in 1918, kreeg hij een baan als medisch assistent in het Burgerziekenhuis in Straatsburg. Daarnaast hervatte Schweitzer zijn oude baan als hulpprediker in de St. Nicolaikerk. In 1923 voltooide hij het boek “Cultuur en Ethiek”. Reeds in 1919 werd hij door Nathan Söderblom uitgenodigd om na Pasen in 1920 op de Universiteit van Uppsala te komen spreken over cultuur en ethiek. Hij had er groot succes mee en vele spreekbeurten in heel Europa volgden. Zijn spreekbeurten en ook orgelconcerten dienden overigens niet alleen voor het verbreiden van zijn gedachtegoed, maar ook om de nodige geldelijke middelen bijeen te brengen voor het werk in Lambaréné. Zijn eigen spaarpot had hij voor dat doel al ruimschoots aangesproken.
In 1924 keerden Schweitzer en zijn vrouw naar Lambaréné terug. Daar moest hij allereerst het intussen vervallen ziekenhuis weer opknappen, waarna hij zijn medische werk hervatte. Na enige tijd kreeg hij hulp van andere artsen en kon hij naar Europa gaan wanneer hij werd uitgenodigd voor spreekbeurten of orgelconcerten. Geleidelijk kreeg zijn werk overal grote bekendheid en ook erkenning. Behalve zijn filosofisch denken sprak vooral zijn werk in Afrika wereldwijd tot de verbeelding.
Van 1939 tot zijn dood
Van 1939 tot 1948 werd hij door de oorlogssituatie in Europa gedwongen in Lambaréné te blijven. Vanaf 1948, drie jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog, kon hij weer vrij reizen, spreken en concerten geven, niet alleen in Europa, maar ook in de Verenigde Staten. Afgewisseld met zijn werk in Lambaréné is hij dit, voor zover zijn gezondheid het toeliet, blijven doen tot zijn dood in 1965. Hij kreeg in 1953 de Nobelprijs voor de Vrede en werd in 1954 opgenomen in de exclusieve Duitse Orde “Pour le Mérite”. De laatste twee decennia van zijn leven sprak hij zijn bezorgdheid uit over de wapenwedloop in de wereld en het gevaar van een atoomoorlog. Hij stierf op 4 september 1965 in Lambaréné, 90 jaar oud. In Deventer bij de Brink is in 1974 een bronzen standbeeld van Schweitzer onthuld van Pieter de Monchy.

 Geschiedenis van de school
In 1947 waren er gesprekken met de parochie van Overschie om de scholen over te laten gaan naar de RVKO. Er waren plannen om nieuwbouw te plegen en een ULO te stichten.Aan de Burgemeester Bosstraat was de Mariaschool voor jongens en meisjes, aan de Hoogenwaardenstraat 7 was ook voor jongens en meisjes, de Maria Gorettischool en in de Zonneveldstraat was ook een gemengde school de Petrusschool. Uiteindelijk worden de scholen, na het overlijden van dhr. L.Aarsen hoofd van de Petrusschool, in 1967 samengevoegd en gaan gemengd onder de naam Albert Schweitzer als één school verder op de Baanweg 20. In 1973 wordt de Jozefkleuterschool opgeheven en bij de invoering in 1984 ging ook de Maria Gorettischool in de Burg. Bosstraat dicht. In de Jan Steenstraat verdwenen de St. Gabriël kleuterschool, eerder gevestigd aan de Duyvesteinstraat en De Springplank. De aan de Noorderlaan geplande kleuterschool van de St. Johannesstichting, de Bernadetteschool is nooit gerealiseerd.

Over de school

Logo Albert Schweitzer

RVKO | Postbus 4250 | 3006 AG Rotterdam | Tel. 010 - 453 75 00 | info@rvko.nl

Sluit dit venster

Inloggen