Geschiedenis RVKO

Op woensdag 2 juli 1873 vond de oprichtingsvergadering van de Rotterdamse Vereniging voor Katholiek Onderwijs (RVKO) plaats. Onder leiding van de eerste voorzitter van de vereniging, de heer J.W. Thompson, werd besloten om particuliere jongensscholen te stichten. Er waren toen al door zusters geleide meisjesscholen en voor de ‘mingegoede jeugd’ parochiescholen. 

Eerste school RVKO
Bijna een jaar later, op 1 mei 1874, werd in een pand aan de Kipstraat de eerste school van de RVKO geopend, later de St. Laurentius genoemd. Daarna werden er aan de Schiedamsche Singel en aan de Zuidblaak al bestaande scholen overgenomen. Het bestuur, dat afhankelijk was van de opbrengsten van schoolgeld, giften en bijdragen van leden, volgde met het stichten van scholen de uitbreiding van de gemeente Rotterdam. 

Meisjesscholen
In 1890 werden er scholen gesticht in Crooswijk en Feijenoord. Naast kleuterscholen en jongensscholen werden langzamerhand ook meisjesscholen toegevoegd aan het scholenbestand. Vanaf het eerste begin was er een opleidingsschool (Vormschool) en ook (M)ULO-scholen waren tot 1995 vast onderdeel van het door de RVKO verzorgde onderwijsaanbod.

Van particulier naar kerkelijk

In 1902 werden er nieuwe statuten opgesteld, waarbij de RVKO werd omgezet van een particuliere naar een kerkelijke vereniging. Volgens de statuten waren alle pastoors en rectoren van Rotterdam lid van het bestuur. In 1958 treedt met rector A. van Houten de laatste priester als voorzitter van de RVKO terug. Vicevoorzitter Mr. L. van Eyck volgt hem op. Daarna kent de RVKO alleen nog ‘leken’ als voorzitter. In 1995 trad rector J. Sul als laatste geestelijke bestuurslid terug. 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog, 1940 – 1945, wordt een flink aantal scholen van de RVKO verwoest en komen personeelsleden om. Na de bevrijding op 5 mei 1945 gaat het bestuur strijdbaar verder en draaien de meeste scholen weer aardig. 

Samenvoeging scholen
Naast kleuter- en basisscholen viel in 1975 een aantal mavo’s onder het bestuur van de RVKO. Net als de Pedagogische Academies (P.A.) Thomas More en Lucia en de Opleidingsschool voor Kleuterleidsters St. Lucia. In de jaren erna, tussen 1980 en 1990, zorgden wijzigingen in de onderwijswetgeving voor grote veranderingen. Kleuterscholen fuseerden met lagere scholen en vormden daarmee nieuwe basisscholen. De Mammoetwet veranderde het voortgezet onderwijs, zodat de mavo’s onderdeel werden van een bredere leerweg en in 1999 werden overgedragen aan het bestuur van LMC Voortgezet Onderwijs (Stichting voor Interconfessioneel en Algemeen Bijzonder Voortgezet Onderwijs). De pabo behoorde inmiddels tot het hoger beroepsonderwijs en werd onderdeel van de Leidse Hogeschool.   


Grootste verandering scholenbestand
In 1984 vindt de grootste verandering plaats in het scholenbestand van de RVKO. Dit komt door de samenvoeging van de P.A. Lucia met de P.A. Thomas More en de Opleidingsschool voor Kleuterleidsters St. Lucia. 

Na een aantal bestuurswijzigingen is sinds 1 januari 2014 de Thomas More Hogeschool weer onderdeel van de RVKO. 


Een aantal besturen in Rotterdam en de randgemeenten droeg hun scholen over aan de RVKO en ook het bestuur van de St. Martinusstichting besloot om haar scholen voor speciaal onderwijs onder te brengen bij de RVKO. In deze tijd stichtte de RVKO in diverse nieuwbouwwijken van Rotterdam en in Spijkenisse nieuwe scholen. 

Raad van Toezicht en College van Bestuur
In 2012 is de transformatie naar een ander bestuurlijk concept voltooid. De nieuwe Raad van Toezicht en het nieuwe College van Bestuur (CvB) voeren sindsdien hun taken uit. In 2017/2018 is de RVKO een stichting geworden. 

Speciaal voor het 135-jarig jubileum van de RVKO is het boek Kroniek ener Vereniging uitgegeven. Hierin is de geschiedenis van de RVKO beschreven aan de hand van de jaarverslagen van het bestuur. 

Ontwerp | HFCM onderwijs Realisatie | web2work