‘Als we het echt samen doen, dan lukt het ons!’

15/1/2026

Inclusie volgens Ainscow

‘Als we het echt samen doen, dan lukt het ons!’

Op 7 oktober organiseerde de RVKO voor het eerst een gecombineerde IB/directiedag, in de Kuip in Rotterdam. Een verslag hiervan is te lezen in de e-Koerier van oktober. De gastspreker van deze studiedag was professor Mel Ainscow, een internationale superspecialist op het gebied van inclusief onderwijs. Hoewel hij 82 is en allang met pensioen, blijft hij zich inzetten voor waar hij in gelooft: ‘Education for all’.

Het doel van de studiedag was om als school, vanuit de directie en IB gezamenlijk, een volgende, concrete stap te kunnen zetten met inclusief onderwijs. Bekend is dat de RVKO- scholen al heel veel goede dingen doen, maar dat ze aanlopen tegen zaken zoals onvoldoende expertise bij moeilijk verstaanbaar gedrag, personeelstekorten en zeer mondige ouders. Wat kan Ainscow vanuit zijn kennis expertise bijdragen aan onze volgende stap?

Focus op gelijke kansen

Mel, jouw werk spitst zich toe op het bevorderen  van gelijkheid en inclusie in allerlei landen.  Wat is een overeenkomst tussen alle onderwijssystemen met betrekking tot het ontwikkelen van inclusief onderwijs? En welke verschillen zie je waar we in Nederland ons voordeel mee kunnen doen?

Ainscow: ‘In landen die vooruitgang hebben geboekt, is er sprake van duidelijke doelgerichtheid ten aanzien van inclusie en gelijke kansen. Deze principes vormen daar de grondslag voor alle onderwijsbeleidsmaatregelen. Dat lijkt in Nederland op dit moment nog onvoldoende het geval te zijn.’

Een voorbeeld van doelgerichtheid is de Portugese overheid, die op een bepaald moment besloot om alle scholen voor gespecialiseerd onderwijs te sluiten en de professionals toe te voegen aan de reguliere scholen én centra in te richten die de scholen ondersteunen. Zo zijn multidisciplinaire teams ontstaan die samenwerken aan onderwijs voor elk kind. De Nederlandse overheid heeft juist de verantwoordelijkheden bij de besturen gelegd, waardoor het proces van samenwerken van onderop vorm moet krijgen. Dat kan mooi zijn, maar soms is een duidelijke beslissing van een landelijke overheid over het ‘hoe’ helpend.

Ondersteun de leerkrachten

In je werk komt naar voren dat het kapitaal waarmee we inclusief onderwijs kunnen bereiken, wordt gevormd door onze eigen mensen en al hun kennis en ervaring. Toch voelen medewerkers dat vaak niet zo, maar voelen ze eerder angst. Wat kunnen we doen om de overtuigingen en het handelen van mensen te helpen draaien naar wat ze wél kunnen, in plaats van wat ze (nog) niet kunnen? Ainscow: ‘Het Nederlandse onderwijssysteem heeft veel sterke kanten – niet in de laatste plaats de kwaliteit van de leerkrachten. Wat nodig is, is een nationale inspanning om leraren te ondersteunen, aangevuld met gecoördineerde lokale initiatieven die innovatie stimuleren. Maar ik zie dat we van de Nederlandse overheid momenteel niet veel mogen verwachten. Alles ligt dus nu op het bord van de scholen zelf, die voldoende andere zaken aan hun hoofd hebben, zoals het lerarentekort. Eerlijk gezegd lijkt het Nederlandse onderwijssysteem momenteel in een impasse te verkeren.’

De professionals vormen ons kapitaal. Dat betekent dat we ook naar hun zorgen moeten luisteren. Alleen als echt gezamenlijk optrekken in de beweging naar inclusief onderwijs, komen we tot concrete stappen.’

Lerende gemeenschap

Je geeft aan dat een school een lerende gemeenschap is voor iedereen, ook voor de professionals. Wat kunnen de professionals leren van de kinderen, en met name van de kwetsbare kinderen? Ainscow: ‘Ons onderzoek in verschillende landen laat zien dat luisteren naar de stem van kinderen een krachtige stimulans kan zijn voor de ontwikkeling van scholen die effectief zijn voor álle leerlingen. Vooral kwetsbare kinderen kunnen helpen om belemmeringen zichtbaar te maken die de voortgang in de weg staan, door aan te geven wat zij echt nodig hebben. Door dat serieus te nemen, weten wij waar we de focus op moeten leggen.’

Op welke manier maken we ouders een actief deel van deze lerende gemeenschap? Ainscow: ‘Gezinnen vervullen een sleutelrol binnen inclusieve onderwijssystemen: zij worden actoren van verandering, die de inspanningen van leraren ondersteunen en versterken. Zij kennen immers als geen ander de behoeften van hun kind en kunnen – en moeten – de school en de leerkracht actief ondersteunen.’

Hoe kunnen we onze vorderingen monitoren zodat onderzoek doen bijdraagt aan ontwikkeling? Ainscow: ‘Evidence is een cruciale factor. In scholen geldt: ‘Wat wordt gemeten, wordt gedaan.’ Daarom moeten scholen systematisch de impact monitoren van hun inspanningen om verbetering te realiseren in de aanwezigheid, participatie en voortgang – de drie P’s: presence, participation, progress – van al hun leerlingen. Dit kan gebeuren in het leerlingvolgsysteem. In Nederland zou meer nadruk kunnen worden gelegd op de koppeling tussen schoolaanwezigheid en prestaties van kinderen. Ik heb begrepen dat de belangstelling hiervoor in jullie land wel groeit.’

Leiderschap nodig Je hebt op dinsdag 7 oktober op de RVKO IB/ directie-dag gewerkt met een grote groep Rotterdammers. Wat viel je op, welk advies geef je ons mee? Ainscow: ‘Zoals gebruikelijk wanneer ik Nederland bezoek, viel mij de bevlogenheid en betrokkenheid van de onderwijsprofessionals hier op. Tegelijkertijd lijkt er onduidelijkheid te bestaan over wie het veranderproces moet leiden. Mijn advies is dat het schoolleiderschap deze taak oppakt, met het team, maar ook met collega-directeuren binnen en buiten de RVKO, samenwerkingsverbanden en organisaties voor jeugdzorg en welzijn.’

De ontdekkingstocht naar inclusief onderwijs

Prof. Melvin (Mel) Ainscow is emeritus hoogleraar onderwijs aan de Universiteit van Manchester, hoogleraar onderwijs aan de Universiteit van Glasgow en buitengewoon hoogleraar aan de Queensland University of Technology in Australië. Daarnaast adviseert hij de NAVO en Unesco over het onderwerp Inclusief Onderwijs. Mel doet veel onderzoek naar hoe je inclusiever onderwijs voor elkaar kunt krijgen. Hij wil van ‘education for almost all’ naar ‘education for all’. Zijn centrale boodschap is dat ‘the collective will make it happen’. Vrij vertaald: ‘als we het echt samen doen, met elkaar doen, dan lukt het ons’. Het is een sociaal en complex proces, een ontdekkingstocht die nooit af is, maar absoluut de moeite waard om aan deel te nemen, aldus Mel. Hij heeft veelvuldig gepubliceerd in vaktijdschriften en internationale onderzoekstijdschriften. Zijn recentste boek is Reforming Education Systems for Inclusion and Equity (2025). Daarover zegt hij zelf: ‘Het verbeteren van de leerresultaten van kwetsbare leerlingen kan alleen worden bereikt wanneer de houding, overtuigingen en handelingen van volwassenen die werken met deze kinderen, veranderen. Daarbij is het uitgangspunt dat de school een lerende gemeenschap is voor álle betrokkenen, waarbij de ontwikkeling van álle leden van deze leergemeenschap worden gestimuleerd, dus ook van de professionals.’

Door op “Alle Cookies accepteren”, te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de site navigatie te verbeteren, het sitegebruik te analyseren en ons te helpen bij onze marketinginspanningen. Bekijk onze Privacy Policy voor meer informatie.